Stemmen

Pieter houdt van prijzen. Gun jij hem de publieksprijs? Laat je stem dan niet verloren gaan! Klik!

13 November 2007
By on 20:10
Neplog

Neplog

Pieter komt hier uit de kast.

Op Ruwe Planken Neplog Wedstrijd

26 September 2007
By on 19:27
Liefde, Dood en Luchtgitaar

E_2

n daar stond ze opeens. Ik zat in de huiskamer een film te kijken. Liefde, Dood & Luchtgitaar. De beste film ooit.

“Hoi”, zei ze.

“O, hoi”, zei ik verrast.

“Je bent een film aan het kijken?” vroeg ze.

“O, die heb ik al honderd keer gezien. Ik moet zo weg”, glimlachte ik.

“O”. Anne knikte.

“Ik ga met Lara wat eten”, zei ze toen.

“Leuk”, zei ik. “Waar?”

“O, gewoon. Bij ’t Gesprek”.

“Goeie plek voor een goed gesprek”, lachte ik.

Ze glimlachte een beetje.

“Wat ga je vanavond doen?” vroeg ze.

“Naar de film”, antwoordde ik.

“Leuk”, zei ze. “Met..uhm… je nieuwe vriendin?”

Ik knikte.

“Met Destany”.

“Naar welke film ga je?” vroeg ze.

“Naar Harry Potter and the Order of the Phoenix”, antwoordde ik.

Anne lachte.

“Dan ben je echt verliefd”.

24 September 2007
By on 09:03
Cafetariakippetje

C_1 haos. Nee, dat is zacht uitgedrukt. Er heerst een complete anarchie in mijn hoofd. Het is een complete vergaarbak van allerlei ontploffingen in mijn sociale omgeving.

Mijn moeder mailde. Ik vond het al apart dat er in mijn inbox de vetgedrukt letters Hetty Verhulst stonden. Vertwijfeld klikte ik erop.

Ik citeer: “Mama is heel verbaast en verdrietig dat jij niet bij Marvin op de verjaardag bent geweest.”

Verder volgde er een relaas dat mama toch altijd voor ons heeft klaar gestaan en dat ze het niet leuk vindt dat ze daar nu niks voor terug krijgt.

Verder is Anne verhuisd. Ze kwam haar spullen halen met haar ouders. Als blikken konden doden had ik ontelbare keren een langzame, pijnlijke dood gestorven op de ranzig plakkende keukenvloer. Haar vader had wel het fatsoen nog enkele woorden met me te wisselen. Hij beloofde me dat hij me op kwam zoeken als ik nog een keer met mijn smerige poten aan zijn dochter zat. Toen zei hij nog dat ik een vies mannetje was en hij keek erbij alsof hij net een glas bier met drijvende peuken achterover had gewerkt.

Lara negeert mij, maar ik hoorde haar tegen Willem zeggen dat ze die avond naar een kijkavond ging in een ‘heel tof studentenhuis’ en of dat ‘ook niet wat voor hem was’.

Toen ik Destany laatst had meegedeeld dat ik wat met haar ging drinken, ging ze met me mee. “Zullen we naar de Zaak gaan?” vroeg ik haar.

“Nee”, zei ze, “daar zitten altijd alleen maar van die studentiko-types”.

Ik grinnikte. “Studentiko? En wat ben ik dan?”

“Jij bent leuk”, lachte ze.

We gingen naar De Tijd. We dronken wat en kletsten over alledaagse dingen. Na achttien bier pakte ik haar vast en begon haar te zoenen. Haar lippen waren zacht en ze legde haar kleine handen in mijn nek. Ik dacht dat ik gek werd.

“Ik moet even naar het toilet”, zei ik terwijl ik me voorzichtig losmaakte. Ze knipoogte met haar lange wimpers. Met de langste wimpers van Wageningen.

Bij de pisbakken kwam ik Floris tegen. Altijd leuk om een goede vriend te treffen.

“Ha laffe borrelaar”, bralde hij. “Jij bent goed bezig, hoor ik!”

Ik stond voor de bak en begon te pissen.

“Anne gepakt, Anne gedumpt en nu sta je met dat cafetariakippetje te snavelen. Wat wordt de volgende? Een Edah-zeug?”

Ik had zin om enorm te gaan rellen. Om die plurk op zijn hoofd te slaan. Ik zei alleen:

“Jij stelt helemaal niks voor foetmans” en ik ging terug naar mijn cafetariakippetje. Maar wel naar het cafetariakippetje met de langste wimpers van Wageningen.

22 September 2007
By on 10:27
De langste wimpers uit Wageningen

"H_2

ey, oude sekshaas!”, begroet Willem me.

Ik mompel iets dat lijkt op ‘ook goedemorgen, lamme tak’ en kijk in de koelkast of er nog iets eetbaars is. Bedorven Vifit, een bodempje yoghurt dat je echt niet meer wilt eten en een stuk stinkende kaas. Zuchtend pak ik een zakje noodles uit mijn kastje en zet de waterkoker aan.

“Ik sprak Anne vanochtend”, zegt Willem met zijn mond vol yoghurt en cornflakes.

“Boeiend”, antwoord ik.

“Het boeide me inderdaad wat ze me te vertellen had”, deelt Willem mee. Hij krijgt dan weer een ernstige blik over zich. Ik haat hem nog steeds als hij zo doet.

“Ze was haar tas aan het pakken en is naar haar ouders vertrokken”.

O. Dat had ik niet verwacht.

“Ja, en?” vraag ik. Intussen doe ik de noodles in het enige schaaltje dat nog schoon is en giet het water erbij.

“Ze zei dat ik maar aan jou moest vragen waarom ze is vertrokken. Dus kerel.. vertel!”

Toen ik wat ideeën op papier had gezet voor het artikel dat ik ooit ga schrijven, mailde ik ze naar mijn begeleider. Ik voelde me opgelucht en had zin om te relaxen. Een biertje bij ’t Gesprek of de Kater. Waar ik dat ging doen vanavond, boeide me niet zo. Met wie wel.

“Ik kom eraan!” hoor ik een vrolijke stem als ik binnen kom. Onrustig blijf ik wachten voor de vitrine. Er draait iets om in mijn buik. Aan de ene kant haat ik dat gevoel. Het maakt me onzeker. Maar ergens voelt het lekker.

“Zegt u het maar!” roept ze terwijl ze haar handen aan haar schort afveegt. Haar lange haar heeft ze opgestoken. Dan kijkt ze me aan. Ik zie dat ze schrikt. Ze knippert met haar felblauwe ogen. Ze heeft echt de langste wimpers van heel Wageningen.

“Hoi”, zeg ik saai. Ik weet even niks beters.

Ze zegt ‘hoi’ terug, terwijl haar wangen kleuren tot diep scharlakenrood. Damn. Ik lijk wel een mislukte dichter.

“Ik ga vanavond met jou iets drinken”, deel ik mee.

Ze giechelt.

18 September 2007
By on 20:42
Brak

T_3

ering. Sommige gasten weten zich altijd prima in de nesten te werken. Ik denk dat ik daar bij hoor. Toen ik chagrijnig thuis kwam na mijn bezoekje aan de cafetaria, zei Anne tegen me dat Floris aan de deur was geweest. Ik vertelde haar dat ik die lamme tak niet meer hoefde te zien. Ik kan me vergissen, maar volgens mij grinnikte ze een beetje. Daarna sms’te mijn zusje. Waarom ik niet op Marvins verjaardag was geweest. Hij was behoorlijk geïrriteerd geweest en zijn partijtje was verre van gezellig verlopen. Ik heb haar teruggesms’t dat Marvin misschien eens vrienden moet gaan zoeken in plaats van de kinderen van zijn scharreltje lastig te vallen. Daarna heb ik nooit meer iets van mijn zusje gehoord.

Anne en ik hebben die avond twee flessen wijn leeggedronken en ik had ook al de nodige biertjes op. Toen bedacht ik me opeens dat ik de volgende dag een afspraak met mijn begeleider had, over het artikel dat ik zou gaan schrijven. Ik had hem vanmiddag wat ideeën moeten mailen. Uit ellende trok ik een nieuwe fles open. Het maakte nu toch niet meer uit.

“Je hebt ook veel teveel aan je hoofd”, zei Anne.

Ze begon mijn schouders te masseren. Damn. Dat voelde goed. Toen ze zachtjes door mijn haar streek, voelde ik me week worden. Ik weet het aan de alcohol en deed alsof het Destany was waarmee ik een gezellig avondje had. Ze begon me te zoenen en ik deed mee. Ze fluisterde iets van: ‘eindelijk’. Ik trok haar mee naar mijn kamer.

Zulk soort dingen zijn leuk. Maar niet als je de volgende ochtend wakker wordt. Ze lag naast me en deed alsof ze nog steeds heel verliefd was.

“Doe je een beetje zachtjes als je naar je eigen kamer gaat?” vroeg ik. Ze keek me een beetje verbaasd aan en mompelde “natuurlijk”.

“Zullen we dit maar even onder ons houden?” vroeg ik. “Wat er vannacht gebeurd is? Anders krijg je meteen dat gelul weer. Je kent het wel.”

Ze keek me aan met een blik die Destany me ook had toegeworpen toen ze boos was dat ik niet had gebeld.

“Natuurlijk”, zei ze. “Niemand hoeft dit te weten. Nooit.”

Ze stond op, raapte haar kleren bij elkaar en verdween.

“Dag Pieter!” riep ze vanaf de gang.

De dag moest nog beginnen.

14 September 2007
By on 14:24
Wat zal het zijn?

"V                                 

erdomme”, roep ik.

Mijn mobiel belandt lomp aan de andere kant van mijn kamer.

Al mijn moed had ik bij elkaar verzameld. Maar mijn idee dat ik met Destany.. nou ja. Dat overwon dus mijn telefoonfobie. Of nou ja, fobie. Ik ben niet zo’n held als het neerkomt op Destany’s bellen. Een sms’er ben ik al helemaal niet, dus ik moest wel. Het ging ongeveer zo:

“Hallo, met Henk!” er klinkt een vrolijke stem in mijn oor. Dat wel. Maar ik word er niet blij van als die stem Henk heet.

“O, sorry”, zeg ik. “Ik denk dat ik het verkeerde nummer heb”.

“Wie zoek je dan?” vraagt hij nieuwsgierig.

“Oh, dat doet er niet toe”, antwoord ik. Wat heeft die zak hooi daar mee te maken. Überhaupt.

“Fijne dag!” roept hij.

De rest kent u.

Ik baal. Ik ben de afgelopen dagen letterlijk aan het verpieteren. Ik ben chagrijnig omdat iedereen vanavond andere eetplannen heeft. Omdat ik weer alleen moet eten. Omdat ik Destany niet onder ogen wil komen. Maar ik heb gewoon zin in patat.

“Goedenavond”, zeg ik.

“Wat doe jij dan hier?” bitst ze.

“Ik kom hier eten”.

“Tssss….” doet ze.

“Leuk hoor, van die mannen”.

“Wat bedoel je?” vraag ik.

“Die je je nummer geeft, maar dat ze dan nooit meer bellen. Dat soort mannen”.

Ik wil iets zeggen, maar ze gaat door.

“Stuur dan in ieder geval een sms. Of zeg dan, sorry Des, maar ik moet je niet.”

Omdat ik niet weet wat ik moet zeggen, zeg ik niets. Ze wordt nog bozer. Als ik haar eindelijk aan durf te kijken, staat ze met haar rug naar me toe. Ze snuit haar neus.

Dan draait ze zich abrupt om.

“Wat zal het zijn?”

11 September 2007
By on 15:36
Meisjesletters

E_5

en sms van mijn zusje.

“Marvin is zondag jarig. Ga jij er naartoe? Kus Lisa”

O ja, daar heb ik zin in. Om langs het vriendje van ma te gaan terwijl zij in India zit. Ik heb die man niks te vertellen. Wel grappig dat ze ‘kus Lisa’ sms’t. In real life krijg ik niet zo vaak een kus van haar. Op het moment dat ik haar wil bellen, wordt er op mijn deur geklopt.

“Wat is er?” vraag ik de deurklopper.

“Mag ik binnenkomen?”

Shit. Anne.

“Yep”, lieg ik.

Anne komt bijna angstig binnenlopen.

“Pieter”, zegt ze. “Ik vind het moeilijk om te zeggen, maar ik wil niet dat dat tussen ons in komt staan.”

Blijkbaar kijk ik haar aan alsof ze me net gevraagd heeft een bak rauwkost leeg te eten, want ze probeert zichzelf te verduidelijken.

“Ja, dat met Floris enzo”.

O ja.

“Anne, dat boeit mij allemaal niet zo”, zeg ik eerlijk. “Ik…”

Dan gaat mijn mobiel. Lisa. Mijn zusje belt nooit.

“Sorry, ik moet ff opnemen. Belangrijk. Ik zie je later!”

Anne knikt en loopt weg.

Het telefoongesprek met Lisa verloopt kort. Ze wilde eerst een heel verhaal vertellen over dat ze het lastig vond om Marvin alleen te laten zitten op zijn verjaardag. Of we er niet naartoe konden gaan met z’n tweeën. Wat dat betreft sta ik daar wat anders in. Ik ga niet met mijn brakke kop op zondagochtend bij die man aan de keukentafel zitten. Een keer heb ik geturfd hoe vaak hij ‘weet je’ zei met die zogenaamd charmante ‘w’ van hem. Eenentwintig keer in een uur. Toen wist ik inderdaad genoeg.

Destany heeft gisteravond een briefje in mijn handen geduwd toen ik op het punt stond om weg te gaan uit de Kater. Er stond in ronde meisjesletters: ‘Bel je?’ Met daaronder de tiencijferige lettercombinatie van haar 06’.

Ik voel me beroerd. Lafaard.

8 September 2007
By on 16:40
Suffe hond

“   R_1

obert”, zegt mijn afstudeerbegeleider redelijk enthousiast. “Kom binnen”.

“Nog steeds Pieter, suffe hond”, zeg ik terwijl ik die laatste toevoeging net op tijd achterwege laat.

“Ach, sorry Pieter”, verontschuldigt hij zich onmiddellijk. “Ik haal de namen van jou en een andere student steeds door elkaar. Maar ik noem hem ook wel eens Pieter hoor!”

Ik glimlach en zeg dat dat alweer scheelt. Voorzichtig ga ik op een stoel zitten. Mijn brakke hoofd heeft er vandaag geen zin in. Het werd gisteren toch nog gezellig in de Kater. Nadat Willem zijn beklag had gedaan over de sfeer in huis en de spanning die er tussen mij en Anne hangt, was het best ok. We hebben bijna onder de tafel gelegen over het feit dat Bak Ellende in ons stadje heeft verkondigd dat studenten van hun zesjesmentaliteit af moeten. En toen zag ik haar. Ze kwam binnen met een groep vriendinnen.

Destany.

Gelukkig moest Willem op dat moment effe buikhuilen, dus ik kon op mijn dooie gemak naar haar kijken. Niet die irritante vragen van Willem. Op zulke momenten vind ik hem echt een klootzak. Maar ik zag haar niet meer. Ik keek om me heen, wiebelde een beetje achterlijk heen en weer op mijn kruk.

Geen Destany.

“Zocht je mij?” klonk ineens een warme stem in mijn oor. Op dat moment leek het alsof er iets in mijn buik omdraaide. Ik werd misselijk ofzo. Ik moet er echt idioot hebben uitgezien, want ze lachte een beetje.

“Hey,” zei ze toen. “Ken je mij niet meer? Ik heb jou wel eens als klant!” Ze schaterde. Blijkbaar vond ze het zelf erg grappig. Ik grinnikte een beetje.

“Maar vertel eens”, zei ze. “Wat doe je hier?” Intussen pakte ze een glas aan van een vriendin. Er zat een felblauw goedje in.

“Oh”, zei ik. “Ik ben hier met een huisgenoot, een goede vriend eigenlijk”. Jezus. Dit klonk slecht. ‘Een goede vriend eigenlijk’. Ze knikte. Intussen kwam Willem weer bij aan tafel zitten. Hij keek geamuseerd.

“Ik studeer moleculaire wetenschappen”, voegde ik er aan toe alsof dat er iets toe deed.

“Oh”, zei ze. “Waar dan?”

“Ja, hier aan de universiteit”, lichtte ik toe. Achter me hoorde ik Willem grinniken.

“Studeren”, vroeg ze. “Is dat moeilijk?”

“Maar ik wil dus vragen of jij daar tijd voor hebt. Of je dat ziet zitten”, vraagt mijn begeleider.

“Wat ziet zitten?” schrik ik op.

“Of je het ziet zitten om dat artikel te schrijven, Ro, eh.. Pieter. Over dat onderzoek waar we het over hebben.”

“Oh, ja, natuurlijk. Sorry”. Ik klets maar wat met mijn brakke hoofd. 

Suffe hond.

5 September 2007
By on 18:28
Lamme tak

P_1

ieter!”

Er klopt iemand aan mijn deur.

“Wat?” roep ik weinig uitnodigend.

Mijn deur zwaait open. Ik sta oog in oog met mijn huisgenoot Willem.

“Ha, lamme tak! Zullen we een biertje doen? Ik heb je nog nauwelijks gesproken na mijn vakantie!”

Dat is waar.

“Goed idee man!” roep ik terwijl ik er helemaal geen zin in heb.

“Even mijn computer afsluiten, dan ga ik met je mee”.

Willem kijkt tevreden.

“Gaat het goed met je”, vraagt Willem terwijl we naar de Kater fietsen.

“Hmm”, antwoord ik. “Z’n gangetje”.

“Ja?” vraagt Willem argwanend. Ik haat hem als hij zo doet.

“En met je scriptie?”

“Wel ok”, zeg ik. “Morgen heb ik een afspraak met m’n begeleider”.

Als we aan de bar zitten, vraag ik me af waar ik me bezig ben. Ik wil hier niet zijn. Dat gevoel bekruipt me nog meer op het moment dat ik het idee krijg dat Willem op me af is gestuurd.

“Pieter”, zegt Willem met een blik die ik nog niet van hem ken.

“Ik wil het even hebben over de klotesfeer die er in huis hangt”.

4 September 2007
By on 14:32